Schaakclub Hoogeveen

vorige: Essent toernooi 2005: Amateurs 1 ] - [ Overzicht ]

"Dat wil ik niet gehoord hebben!"

Steinitz speelde in zijn begintijd vaak in een Weens café om geld. Hij had daar een goede klant, die hij een paard voorgaf, maar desondanks regelmatig versloeg. Dit zat zijn slachtoffer toch niet lekker, en hij overlegde met een sterke speler hoe hij toch eens die Steinitz om kon leggen.

De beide heren besloten dat de sterke speler zich als onschuldige toeschouwer naast zijn makker zou zetten, en hem iedere maal een zachte schop zou geven als hij van plan was een slechte zet te doen, en wel net zo lang, totdat de juiste zet gevonden was. Voordat hij zou zetten, zou hij met zijn vinger eerst over het te zetten stuk bewegen. Zo gezegd, zo gedaan. De nietsvermoedende Steinitz kwam op deze manier al snel in een slechte stelling en stond op verlies. Dat viel hem heel goed op, maar ook de cirkelende vinger, vaak gevolgd door een zwak gerucht dat op een voetschop leek. Steinitz liet echter niets merken.

Uiteindelijk ontstond een stelling, waarin zijn tegenstander met een vork van het paard op koning en dame de partij in zijn voordeel kon beslissen. Deed hij deze zet echter niet, dan was het met hem gebeurd. Na kort denken wou hij het paard verzetten, om Steinitz de doodssteek toe te dienen, toen hij een zwakke schop opving. Aha, hij dacht wat langer na, maar kwam tot geen andere oplossing, en al snel cirkelde zijn vinger wederom boven het paard.

Deze maal ontving hij een flinke trap tegen zijn schenen, waarop hij zijn vinger weer fluks terug trok, en uiteindelijk een afwachtende zet deed. Na het antwoord van Steinitz kon hij opgeven. "Waarom heb je verdorie dan niet het paard gezet?" riep toen zijn 'sekondant'. "Je hebt me toch tot tweemaal toe geschopt!" riep daarop de ongelukkige, waarop Steinitz opmerkte: "Dat wil ik niet gehoord hebben;"

Aanzet maart 1991