Schaakclub Hoogeveen

vorige: Zestig jaar Geert Krol ] - [ Overzicht ]

Zitten !

Schaken is geen sport om slank en fit mee te worden. De grijze cellen langer lenig houden, dat is het beste waarop je mag hopen op het gebied van fitness. Sommige schakers doen bijna aan wandelsport zoveel zie je ze soms door de speelzaal hun rondjes lopen. Even plaatsnemen, even nakijken of het plannetje nog klopt, zetten en noteren en hup, weer op weg voor het volgende rondje door de zaal. Hier en daar even stilstaan om mee te kijken bij vrienden/clubgenoten en dan weer onstuitbaar verder.

Maar nu dat 'zitten'. Er is meestal een korte periode dat iedereen zit tijdens een toernooi of clubavond. Op onze club is het vaak best rumoerig aan het begin van de avond. Bedrijvige types als bestuursleden en teamleiders moeten nog even wat regelen en er wordt in de zaal nog bijgepraat over van alles. Niets mis mee, al vragen we bij externe thuiswedstrijden wel of het om kwart voor acht toch stil kan worden. Maar dan, let maar op, tussen vijf voor en kwart over acht is het muisstil. Iedereen zit, heeft koffie of thee en zit helemaal verzonken in de partij. Tot tegen half negen, dan is de eerste koffie op en komt er weer beweging in de zaal.

Ook in het Univé Amateurtoernooi was dat moment duidelijk aanwezig. De eerste 10 minuten komt soms nog een laatkomer binnen, worden nog wat beleefdheden uitgewisseld, maar daarna is het in de Raadszaal een kwartier helemaal stil. En rond half elf lopen de eerste wandelaars alweer rond.

Broertjes
Stephan Broertjes
Meteen in de eerste ronde zag ik twee uitersten tegenover elkaar, de beroepswandelaar Stephan Broertjes, postbode, tegen de beroeps-zitter, oud-Tweede Kamervoorzitter Dick Dolman. Broertjes liep tijdens die partij en trouwens het hele toernooi een groot deel van de tijd te zwerven door de zaal. Dolman kwam tijdens zijn partijen bijna niet achter zijn bord vandaan. Opperste concentratie!
Dolman
Dick Dolman

Aan het zitten of wandelen van spelers kun je ook wel aflezen hoe ze ervoor staan in hun partij. Ik was vorig jaar met Christiaan en Marc bij Corus. De 11e ronde met de spectaculaire partij tussen wereldkampioen Anand en de verrassende leider in de tussenstand Magnus Carlsen. Carlsen vloog Anand met wit gewoon naar de keel en kreeg een veelbelovende stelling.

Carlsen - Anand
Carlsen - Anand, zie Corus-site

In Wijk aan Zee zitten (bijna) alle spelers in de grote sporthal, de drie invitatiegroepen achter een brede afzetting waar het publiek meestal drie rijen dik tegenaan staat. Halverwege de ronde viel me op dat Anand in een opvallende rode trui al een hele tijd in zijn stoel zat. Lang denken in een moeilijke stelling kennelijk. En Carlsen had makkelijk spel, die kwam af en toe even een minuut of wat zitten voor de volgende zet in zijn zware koningsaanval en ging dan weer aan de wandel. Op het demonstratiebord was ook wel te zien dat het er zorgelijk uitzag voor Anand. Toch maar eens horen wat de commentatoren in de grote tent op het dorpsweitje ervan vonden, een kneus als ik heeft toch deskundige uitleg nodig om de finesses van zo'n partij te kunnen begrijpen.

In die tent was het goed vol en Rini Kuyf en Paul van de Sterren hielden het publiek goed bezig. Natuurlijk werd een groot deel van de tijd besteed aan de aanvalsmogelijkheden van Carlsen. Wat Anand nog aan verdedigende kansen had werd oprecht bekeken, maar veel zagen ze er niet in. Zo gaat dat, het publiek wil bloed zien. In die tent stond naast de demonstratieborden ook een groot TV-scherm met een overzicht van de hoofdgroep. Midden in beeld de rode trui van Anand, nog steeds gekluisterd aan zijn stoel. Ineens zie ik hem na het doen van een zet opstaan en ontspannen aan de wandel gaan. Heeee, is er iets gebeurd?

Het volgende half uur rolden nog steeds allerlei winstvarianten voor Carlsen over het demonstratiebord, maar daar dacht ik inmiddels anders over. Op het scherm was nu te zien dat Carlsen nu lang bleef zitten en Anand rondkuierde. Het was erg lawaaiig door de wind op de tentzeilen en nogal donker in de hoek waar ik zat. Ik kon er dus niet de aandacht op vestigen. Pas later was ook bij de hh. commentatoren enige twijfel aan de winst voor Carlsen te bespeuren. Ze zagen ineens dat Anand misschien een veilige uitweg voor zijn koning had en daarna minstens gelijk spel over zou houden. Carlsen legde zich daar niet bij neer, ging te ver in zijn winstpoging en verloor uiteindelijk zelfs nog. Dat dat erin zat had ik dus al veel eerder zien aankomen!

Frans van Amerongen, Aanzet november 2009